|











| |
Verzorging

Er bestaan al heel veel websites met een massa
uitleg over de aanschaf van cavia's, hun oorsprong, huisvesting, voeding,
verzorging en ziektes enz... dus het is niet mijn bedoeling om dat op deze site
ook te doen, maar toch wou ik proberen om de meest essentiële zaken er toch op
te zetten ;).
1. Algemeen
 | Cavia's zijn vrolijke en aardige diertjes en ze
behoren tot de gemakkelijkste dieren om te verzorgen. Als je op de juiste
manier met ze omgaat, kunnen ze heel tam worden en worden ze haast niet
ziek. Een goede verzorging van cavia’s bestaat uit dagelijkse aandacht,
goede huisvesting, goede voeding. Het zijn sociale diertjes die overdag
actief zijn dus ook leuk voor kinderen, uiteraard met de hulp van en onder
de verantwoordelijkheid van een volwassene. |
 | Cavia’s zijn echte groepsdiertjes en zijn het
gelukkigst als ze minstens met zijn tweetjes zijn, ook als ze heel veel
aandacht van je krijgen! Het is een fabeltje dat je cavia nooit tam kan
worden met een tweede cavia erbij! |
 | Je kunt twee zeugjes of twee beertjes samen
nemen. Kies dan wel voor ofwel twee jonge dieren zodat ze samen opgroeien,
ofwel een volwassen dier en een jong dier (zodat de rangordebepaling geen
problemen geeft en er niet gevochten wordt, vooral twee volwassen beren bij
elkaar zetten lukt dikwijls niet!). Als je twee beren neemt, let je er best
ook op dat ze geen zeugjes kunnen ruiken (ook niet op bvb je kleren als je
ergens anders een zeugje hebt vastgepakt) want door de geur van een zeugje
is het mogelijk dat ze plots concurrenten worden en gaan vechten.
Je kunt uiteraard ook een zeugje en een beertje samen nemen, lukt zowat
altijd, ook op volwassen leeftijd, maar dan moet je er ofwel voor zorgen dat
de beer gecastreerd is (en dat kan pas vanaf een maand of 5, zolang moeten
ze dan dus apart zitten tot enkele weken na de castratie), ofwel moet je
erop rekenen dat je heel veel kleine caafjes krijgt! Niet alleen is het dan
je verantwoordelijkheid om voor die diertjes een goeie nieuwe thuis te
zoeken, maar het is voor een zeugje ook niet goed om constant zwanger te
zijn natuurlijk, vergelijk het maar met een meisje die van haar 16de tot
haar 55e constant zwanger is en om de negen maanden een baby krijgt. Ook een
zeugje heeft na een zwangerschap voldoende tijd nodig om te recupereren! |
 | De juiste manier om je caafje op te nemen:
schuif bij het optillen een hand ruim onder de voorpoten en steun met de
andere hand het achterlijf. Zo wordt het hele lichaam ondersteund en zal de
cavia niet spartelen of vallen. Probeer zo weinig mogelijk een caafje van
bovenaf te benaderen . Da’s nl. de manier waarop ze door roofdieren worden
gepakt en is dus heel bedreigend voor je caafje. En spreek tegen je caafje
vooraleer je hem oppakt, dan weet hij al wat er zal gebeuren en schrikt
niet. |
 | Gezonde caafjes hebben een glanzende vacht
zonder kale plekken of korsten. Kale plekken kunnen wijzen op onder andere
schurft of schimmel.
Ze mogen niet te mager zijn en moeten stevig aanvoelen.
De oogjes moeten helder zijn (niet wazig of waterig) en het neusje is droog. |
 | Koop ook nooit een cavia die jonger is dan 4
weken en minder weegt dan 250 gram (is toch het absolute minimum!!!) en
liever nog 300 gram! |
 | Over het algemeen hebben cavia's een goede
gezondheid en worden ze haast niet ziek. Maar àls ze ziek zijn, gaat het
dikwijls heel snel en worden ze niet zo snel weer beter. Daarom is het
belangrijk om op de eerste tekenen van ziekte te letten (snot, véél
niezen, doffe en opstaande vacht, lusteloos en stil in een hoekje, plots
heel erg gaan vermageren) en nooit te lang te wachten om naar de dierenarts
te gaan! |
 | Kijk regelmatig ook eens of de nageltjes van je
caafje niet te lang worden. Als ze niet dikwijls op een harde ondergrond
kunnen lopen, slijten die soms niet voldoende af en moet je ze even zelf
bijknippen. |
 | Kijk ook regelmatig eens de vacht van je caafje
na op ongedierte, wondjes en/of kale plekjes. Buiten jouw schuld om (door
het hooi bvb, wat overigens géén reden mag zijn om je caafje geen hooi te
geven!!!) kan je cavia al eens last hebben van luisjes en dat moet behandeld
worden want ze krijgen er jeuk van en kunnen krabben tot ze wondjes hebben.
Luisjes zijn precies heel kleine witte/gele bewegende wormpjes die zich
meestal dicht bij de huid verschuilen in de vacht.
Hooimijtjes zijn dan weer volledig onschuldig en daar heeft de cavia ook
geen last van. Het hoeft ook niet behandeld te worden. Hooimijtjes zijn meer
bruine spikkeltjes op het uiteinde van de haartjes en die bewegen ook (zo
goed als) niet.
Bij schilferige kale vlekken (ev. met korsten en wonden) ga je best zo snel
mogelijk naar de dierenarts want je caafje kan schurft of schimmel hebben en
dat moet uiteraard worden behandeld. |
2. Huisvesting
 | Voor de afmetingen van het hok geldt uiteraard:
hoe groter hoe liever. Maar voor één caafje reken je toch best op een hok
van minstens 70 à 80 x 40 cm. Per bijkomende cavia tel je daar ongeveer 20
cm bij. Een hok dat groot genoeg is, vermijdt een hoop stress voor de dieren
én verkleint de kans dat de cavia’s elkaar in de haren gaan zitten! Het
hangt er uiteraard ook van af hoeveel tijd de cavia(‘s) in hun hok
doorbrengen. Een caafje die de hele dag kan rondlopen in huis of in een
ruime ren, heeft een minder groot hok nodig dan een caafje dat meer tijd in
zijn hok doorbrengt. |
 | Dat je het hok proper moet houden, spreekt voor
zich. Geschikt bodemmateriaal is bvb een laagje houtkrullen. Stro is niet
geschikt omdat het te grof en te hard is voor cavia’s. |
 | Zet de cavia's op een tochtvrije plaats en ook
niet in felle zon of vlakbij de verwarming. De grootste boosdoeners voor
cavia's zijn nl. hitte, vocht en tocht. |
3. Voeding
 | Eerst even vermelden dat een cavia altijd vers
drinkwater tot zijn beschikking moet hebben. Er wordt nogal eens beweerd dat
cavia’s geen drinken nodig hebben maar dat klopt niet! Het is wel zo dat
de ene cavia veel meer drinkt dan de andere en dat de hoeveelheid die ze
drinken afhangt van enkele factoren zoals omgevingstemperatuur, hoeveelheid
en soort groenvoer dat ze krijgen, zwanger/zogend of niet enz…
Daarvoor neem je best een drinkflesje met nippel dat je aan het hok
bevestigt. Een bakje gooien ze nl. nogal gemakkelijk om en het is uiteraard
niet fijn als hij in een nat hok zit. Ook komt er in een drinkbakje snel
hooi, voer, keuteltjes en dergelijke en is het drinkwater dus heel snel
vuil. |
 | Het allerbelangrijkste voor de cavia: vers
hooi! Dat moeten ze constant ter beschikking hebben voor een goeie
spijsvertering! Daarvan slijten trouwens ook de tandjes goed af. |
 | Als voerbakje (voor het droogvoer) neem je best
iets van aardewerk dat redelijk zwaar is zodat ze het niet makkelijk omver
krijgen. |
 | Geef je cavia(‘s) een voer dat afgestemd is
op cavia’s. Cavia’s kunnen nl. (net als mensen en apen) niet zelf
vitamine C aanmaken en moeten dat dus uit hun voer halen. In bvb een
konijnenkorrel en veel algemene knaagdierenvoeders wordt geen vitamine C
toegevoegd. Kijk ook even op de verpakking hoeveel mg vitamine C er is
toegevoegd. Hoe meer, hoe beter maar toch minimum 1500 mg per kilo voer.
Vitamine C-gebrek geeft heel snel heel ernstige gezondheidsproblemen!!!! |
 | Geef je caafje liever geen overvolle voerbak
met gemengd caviavoer. Daaruit kiezen ze nl. alleen dat wat ze het
allerlekkerst vinden en dan wordt hun voeding te eenzijdig! 30 à 40 gram
droogvoer per cavia per dag is écht voldoende! Bijvullen mag als het bakje
leeg is. |
 | Ook héél belangrijk: groenvoer! Dit doordat
ze niet zelf vitamine C kunnen aanmaken. Enkele voorbeelden van wat je je
caafje zoal kunt voeren: andijvie, komkommer, witlof, wortelen (ook het
groen ervan), gras, paprika (alle kleurtjes maar rood bevat het meest
vitamine C), rozebottels, appeltjes, kiwi, schil van watermeloen,
sinaasappel, tomaat, peterselie (niet aan zwangere zeugjes, kan weeën
opwekken)…
Wat je beter vermijdt of slechts af en toe in kleine hoeveelheden geeft:
zowat alle koolsoorten en sla. Die kunnen gasvorming veroorzaken.
|
4. Nog enkele weetjes
 | Een mannetje noemt men een beer, een vrouwtje
een zeug. |
 | Een cavia kan al geslachtsrijp zijn op 4 weken
maar dan zijn ze echt nog te jong om mee te fokken. Je wacht beter tot ze
ongeveer 5 maanden zijn. |
 |
Een zeugje wordt om de 16 à 18 dagen bronstig en laat zich alleen dan
dekken door een beer. De bronst duurt ongeveer 24 uur. Een zeugje wordt ook
binnen de 24 uur na een bevalling opnieuw bronstig dus zorg dat het beertje
nog voor de bevalling bij haar weg is, anders is ze onmiddellijk opnieuw
zwanger en da’s uiteraard een zware belasting voor het diertje. |
 | Een caviazwangerschap duurt 63 à 72 dagen. Ze
komen dan ook helemaal ‘af’ ter wereld (nestvlieders). Ze zijn behaard
en kunnen al snel lopen. Ze hebben weliswaar moedermelk nodig de eerste
weken maar al na enkele dagen beginnen ze samen met mama mee te eten, eerst
van de hooisprietjes, dan van het groenvoer en uiteindelijk ook droogvoer.
Op een leeftijd van 4 weken (afhankelijk van hun gewicht) kunnen cavia’s
gespeend worden (kunnen ze zonder moedermelk). Dan moeten de beertjes van
mama en zusjes weg omdat ze al vruchtbaar kunnen zijn. |
 | Gemiddelde leeftijd die een caafje bereikt: 5
jaar |

|